zwartewaal

Graven

Monumenten 

Omgekomen inwoners 

Omgekomen oud inwoners

Graven

In Zwartewaal bevind zich één begraafplaats waar zowel militaire als burger slachtoffers liggen begraven.

De Algemene begraafplaats aan de wouddijk.

Eigendom: 1) Bevrijdingsfestival Brielle

Op deze begraafplaats bevinden zich de graven van:

Geallieerd: L.S.G. Wheeler, P.Lowman, S.H.J. Grommbridge, H. Browes, H.M. Monk, I.C.B. Worthingtom-Wilmer

Burger: J. van der Zee, W. van der Zee, H. van der zee, D. Hobbel, P. de Raadt.

      De zes geallieerde graven.

Eigendom: 1,2) Bevrijdingsfestival Brielle

L.S.G. Wheeler

P. Lowman

S.H.J. Groombridge

   

H. Browes

H.M. Monk

I.C.B. Worthington-Wilmer

 

Eigendom: 1 t/m 6) Bevrijdingsfetsival Brielle

 De graven van van der Zee en Hobbel.

Eigendom: 1) Bevrijdingsfestival Brielle

Jan van der Zee

Geboren

Beroep

Groep

Gefusilleerd

 

27-01-1889

 

Verzet

06-12-1944

Duinen Rockanje

Bron: 1) historische werkgroep zwartewaal / Eigendom: 1) Bevrijdingsfestival Brielle

Willem van der Zee

Geboren

Beroep

Groep

Gefusilleerd

 

26-10-1916

 

Verzet

06-12-1944

Duinen Rockanje

Bron: 1) historische werkgroep zwartewaal / Eigendom: 2) Bevrijdingsfestival Brielle

Hendrik van der Zee

Geboren

Beroep

Groep

Gefusilleerd

  

23-01-1925

 

Verzet

06-12-1944

Duinen Rockanje

Bron: 1) historische werkgroep zwartewaal / Eigendom: 2) Bevrijdingsfetsival Brielle 

Het verhaal van de familie van der Zee.

Eind september 1944 werd er door de LO (Landelijke organisatie voor hulp aan onderduikers) een gedeserteerde Hollandse SS-er die bij zijn familie in Rockanje zat ondergedoken ondergebracht bij de gebroeders Koene. Deze SS-er werd later opgepakt en verhoord. Inselkommandant Schermuly liet naar aanleiding van de verkregen informatie meerdere huiszoeking in Zwartewaal uitvoeren. Onder andere bij de familie van der Zee. Van de familie zaten meerdere van de elf kinderen in het verzet. De SS-er had Anton van der Zee aangewezen als verzetsman. Deze werd niet gevonden omdat hij samen met zijn broer Arij en Jan Goris sliep op een botter in de haven. Hoewel de Duitsers aan boord waren geweest, zijn ze niet ontdekt. Twee zoons en Kobus Voogt werden in het huis ontdekt en opgepakt. Omdat het gehele gezin volhield dat ze niet wisten waar Anton was, werden vader van der Zee en de twee zoons Hendrik en Willem en Kobus meegenomen naar Brielle en vastgezet in de HBS. Tijdens het verhoor door de Sicherheitsdienst heeft men niets losgelaten. Jan, Hendrik en Willem van der Zee worden samen met de drie Rockanjenaars, Cornelis Langendoen, Johan Groeneveld en Willem de Waal, in de duinen van Rockanje doodgeschoten. Het monument Duinen Tweede Slag in Rockanje herinnerd aan deze fusillade.

 Dirk Hobbel

Geboren: 26 februari 1922     Geëxecuteerd: 08 mei 1945, Ridderkerk.

     

Bron: 1) historische werkgroep zwartewaal / eigendom: 2) Bevrijdingsfestival Brielle

Dirk Hobbel, van beroep marechaussee, is geboren in Zwartewaal op 26 juni 1922. Hij duikt gedurende de oorlog onder in Ridderkerk en sluit zich aan bij de BS (Binnenlandse Strijdkrachten). In de vooravond van 8 mei begeeft een arrestatieploeg van de BS , onder leiding van politieagent van den Berg, zich op verzoek van burgemeester Crezée naar Bolnes om daar “moffenmeiden” op te halen. Het oppikken van de arrestanten trekt veel bekijks. Eén van de BS’ers probeert met een waarschuwingsschot het publiek op afstand te houden. Helaas haalt hij de trekker te vroeg over en schiet BS’er Wim de Groot in zijn dijbeen. De arrestatiewagen stopt op de terugweg in  Ridderkerk rond 21:00 uur bij de dokter op de Donckselaan. Terwijl de BS-ploeg buiten de wacht houdt wordt een wehrmacht auto tot stoppen gedwongen. In de auto zit de Duitse officier Hans Günther met naast hem zijn Nederlandse vriendin. Zij wordt aangehouden waarbij een worsteling tussen de agent en de vrouw ontstaat. Günther trekt zijn wapen, maar wordt door BS’er Aart Hooijmeijer onder schot gehouden en gedwongen uit te stappen met zijn handen omhoog. Tijdens het uitstappen drukt Günther verscheidene malen op de claxon. Uit de villa’s, aan de overkant van de straat, komen tientallen Duitsers aanstormen. De soldaten zijn nog niet ontwapend door de Canadezen en hebben tevens te diep in het glaasje gekeken. De overmacht is te groot voor de BS-ploeg. De meeste vluchten om versterking te halen. Dirk Hobbel, Aart Hooimeijer en enkele voorbijgangers vluchten het huis van de dokter in. Het huis wordt onder vuur genomen met een granaat. De burgers vluchten weg behalve de BS’ers. Acht burgers worden ter plekke door de Duitsers van dichtbij doodgeschoten. Ze leggen de dode burgers in de wachtkamer van de dokter. Als ze gekreun horen rennen ze huis in. Ze vinden Dirk Hobbel en schieten hem dood. Op 10 mei rond het middaguur komen twee BS’ers uit Ridderkerk op de commandopost in het gemeentehuis met de mededeling dat Dirk zonder vorm van proces door de Duitsers was doodgeschoten. Op 12 mei wordt Dirk Hobbel met militaire eer begraven op de begraafplaats Wouddijk.In mei 1947 wordt aan de Donckselaan 4 een monument onthult met een plakkaat waarop de namen van de slachtoffers van deze gruwelijke gebeurtenis worden vernoemd. 

Eigendom: 1) Mevr. Landman

Dirk Hobbel heeft postuum het verzetsherdenkingskruis ontvangen. Lees het uitgebreide verhaal over deze gebeurtenis op pagina 20/22 van de nieuwsbrief van Stichting Streekarchief Eiland IJsselmond via streekarchief IJsselmonde.

Dirk Hobbel wordt genoemd op het oorlogsmonument in Zwartewaal.

Pieter de Raadt

Geboren

Beroep

Omgekomen

 

 

 02-06-1920

Distributie ambtenaar

04-03-1943

Brielle

 

Bron: 1) historische werkgroep zwartewaal / eigendom: 2) Bevrijdingsfestival Brielle

Pieter de Raadt is slachtoffer van het vergissingsbombardement op Brielle. Zie: Bommen op Brielle 

 
TOP

Monumenten

In Zwartewaal bevinden zich twee monumenten die ons doen herinneren aan de tweede wereldoorlog.

Het Oorlogsmonument op de kruising van de Havenkade, Noordeinde en Elfwekenlaan.

Eigendom: 1) Bevrijdingsfestival Brielle

Het Verwoeste Huis aan de Meeldijk.

     

Eigendom: 1,2) Bevrijdingsfestival Brielle

 
TOP

Omgekomen inwoners

G

 Jacob Geilvoet

Geboren: 29 oktober 1914     Zeemansgraf: 14 mei 1940, Oostgat.

          

Bron: 1) oorlogsgravenstichting / 2) marhisdata / 3) googlemaps

Jacob Geilvoet, geboren 29 oktober 1914,  is stoker aan boord van de stoomsleepboot Noordzee 2, een sleepboot van de firma L. Smit & Co uit Rotterdam. Deze is door de marine op 24 augustus 1939 gevorderd en ingezet als Bewakingsvaartuig 34. Tijdens een patrouille op 14 mei 1940 op de Westerschelde wordt een reddingsvlot opgepikt van een Noors schip ter hoogte Zoutelande bij de grensboei Deurlo-Oostgat. Tijdens het wachten om dit vlot af te geven verdaagt de BV 34 op een Duitse magnetische mijn. Een Britse torpedoboot pikt twee opvarende op. De BV 34 ligt deels ingegraven in het zand op een diepte van 9 meter en heeft officieel de status van oorlogsgraf. Zestien opvarende komen om, waaronder oud inwoner Korstiaan van der Pijl (Zwartewaal).

Jacob Geilvoet wordt genoemd in de digitale erelijst van Gevallenen 1940-1945.

K

Jan Koene

Geboren: 01 oktober 1922     Gefusilleerd: 05 december 1944, Zwartewaal.

Bron: 10 historische werkgroep zwartewaal

Jan Koene is de broer van Pieter Johannes Koenen en oud inwoner Willem Koene.

Pieter Johannes Koene

Geboren: 21 september 1920     Gefusilleerd: 05 decmber 1944, Zwartewaal.

Bron: 2) historische werkgroep zwartewaal

Pieter Johannes Koene is de broer van Jan Koene en oud inwoner Willem Koene.

Het verhaal van de gebroeders Koene.

De familie Koene woonde op de Meeldijk en verhuizen in de oorlog naar Ede. De twee broers blijven in Zwartewaal wonen. De LO (landelijke organisatie voor hulp aan onderduikers) zocht contact met de gebroeders. Spoedig groeide de schuilplaats uit tot een bolwerk van verzet. Hoewel het huis nog geen 200 meter van de Groene Kruisweg lag, was het zeer geïsoleerd.  Dit kwam omdat de bezetter de dijk over een breedte van 10 meter voor de een tankgracht weggegraven had. Het huis kreeg de schuilnaam “Vlotbrug”. Nadat er al drie onderduikers bij hun in huis hadden gezeten, kregen de geboeders eind september 1944 het verzoek om een gedeserteerde Hollandse SS-er onderdak te bieden. Hij zat eerder ondergedoken bij zijn gezin in Rockanje. Alhoewel de plaatselijke KP hem wilde doodschieten werd hij toch ondergebracht bij de gebroeders Koene. Enige tijd later kreeg men het verzoek om drie Italianen onder te laten duiken. Zij wilden deserteren uit het Duitse leger. De gedeserteerde Nederlandse SS-er werd verplaatst naar Tinte en de drie Italianen kregen onderdak op de Meeldijk. De gedeserteerde SS-er werd ontdekt en opgepakt. Hij heeft tijdens zijn verhoor door Inselkommandant Schermuly alles wat hij wist vertelt om zijn eigen leven te redden. Hierdoor wist men dat er wapens gesmokkeld werden met de boot van de familie van der Zee. Wat overigens door Anton van der Zee werd ontkend i.v.m. de veelvuldige controle van de Duitsers op het water. Naast diverse namen van verzetsmensen en radiobezitters werden ook de drie Italianen door hem verraden. Op 4 december 1944 ‘s avonds stuurt Schermuly soldaten naar Zwartewaal om daar vissersboten te controleren en invallen te doen bij de familie van der Zee en Koene. Tevens worden er in Rockanje diverse personen opgepakt. De Duitsers omsingelden het huis op de Meeldijk en wisten met het verklapte geheime klopteken Jan en Johan Koene naar buiten te lokken. Ze werden vrijwel direct “op de vlucht” doodgeschoten. Het huis werd door middel van handgranaten in brand gestoken. Hierbij komen Salvatore Scanio en Francesco Convas om het leven. Franco di Iullio weet te vluchten en verstopt zich in een hooiberg. Later wordt hij door de LO naar Pernis gebracht. Hij overleefd de oorlog. Het monument Het Verwoeste Huis herinnerd aan deze aanslag. Jan en Pieter Johannes worden begraven op de algemene begraafplaast aan de Wouddijk. Op 27 juni worden ze herbegraven op de algemene begraafplaats in Veenendaal in het graf van hun broer Willem. In december 1972 worden de broers herbegraven op de Erebegraafplaats in Loenen.

Jan en Pieter Johannes worden genoemd op het oorlgsmonument in Zwartewaal en in de erelijst van Gevallenen 1940-1945, welke in de entree van de tweede kamer der Staten Generaal ligt.

 Cornelis Maarten Kort

Geboren: 19 november 1916     Omgekomen: 16 september 1945, Hainan.

     

Bron: 1) historische werkgroep zwartewaal / 2) oorlogsgravenstichting

Cornelis Maarten Kort is geboren in Middelburg. In september 1935 wordt hij geschikt bevonden voor uitzending en vertrek als genie soldaat 2de  klas per Johan van Oldebarneveldt naar Oost Indie. Daar wordt hij ingelijfd bij het 14de regiment Infanterie. Hij wordt gestioneerd in Tjimati. Daarna in Soerabaja en Ambon en heeft de rang Brigadier der Artillerie. Voor de verdediging van Ambon tegen een eventuele Japanse aanval waren er Australische troepen, 1131 man. Verder waren er ongeveer 240 Nederlandse manschappen van KM en KNIL. Rond 29 januari 1942 vallen de Japanners Ambon aan. De overmacht van de Japanners was zo groot, dat de overgave binnen enige dagen plaats vond. De geallieerde krijgsgevangenen in de omgeving van Ambon-stad werden ondergebracht in het Tantoei-kamp. Op 25 oktober 1942 vertrekt de Taiko Maru met de krijgs­gevangenen (263 Australiërs en 267 Nederlanders) naar het eiland Hainan. Op 5 november 1942 komt het schip aan en worden de krijgsgevangenen over­gebracht naar het kamp Haischau. De krijgsgevangenen worden te werk gesteld in de haven Hukurei, de steenfabriek en ijzermijnen. Ook wordt er aan wegen en een vliegveld gewerkt. De Japanners zijn zeer gewelddadig en het voedsel is op rantsoen. Diverse ziektes breken uit zoals paratyfus en Beri-Beri. De krijgsgevangenen blijven tot hun bevrijding  op 12 september 1945 op het eiland. Bijna 200 krijgsgevangenen overleven het kamp niet. Cornelis Maarten Kort overlijdt 4 dagen na hun bevrijding. Hij wordt ter plaatse begraven en in 1946  herbegraven op de Erebegraafplaats Sai Wan in Hongkong.

Cornelis Maarten Kort wordt genoemd op het oorlgsmonument in Zwartewaal en in de erelijst van Gevallenen 1940-1945, welke in de entree van de tweede kamer der Staten Generaal ligt.

W

Marinus Teun Weijman

 Geboren: 11 juni 1940     Zeemansgraf: 24 april 1944, Het Kanaal.

   

Bron: 1) historische werkgroep zwartewaal / 2) marihisdata

Marinus Teun Weijman, geboren 11 juli 1920, is machinist op de sleepboot Roode Zee van de firma L. Smit & Co uit Rotterdam. Begin mei 1940 ligt de sleepboot op station op de Bermuda-eilanden. Daar verricht zij sleep en bergingswerk in het Caribisch gebied en langs de oostkust van Amerika. Omdat met name de bemanning actief wil deelnemen aan de bevrijding van Europa en Nederland verdaagt zij in 1943 in de Middellandse Zee. In november dat jaar sleept ze de Cape Mohican van Malta naar Falmouth. Op 21 april 1944 krijgt ze de opdracht om vanuit Dungeness een aantal caissons naar Portsmouth te brengen in voorbereiding op de geallieerde invasie van Normandië. In de nacht van 23 op 24 april zijn vanuit Cherbourg zes Duitse Schnellboten opzoek naar geallieerde schepen.

   

Bron: 1) s-boot / 2) googlemaps

Om 4:45 wordt de Roode Zee nabij Dungeness getroffen door een torpedo afgeschoten door de Schnellboot S 100. De sleepboot zinkt direct en alle 15 bemanningsleden komen om, waaronder oud inwoner Jochgem Rietdijk (Rozenburg).

Marinus Teun Weijman wordt genoemd op het oorlogsmonument in Zwartewaal en in de digitale erelijst van Gevallenen 1940-1945.

 
TOP

Omgekomen oud Inwoners

In Zwartewaal geboren personen (verhuisd) die niet meer thuis gekomen zijn ten gevolge van oorlogshandelingen.

B

 Gerrit Jan van den Boogerd

Geboren: 22 augustus 1908     Woonplaats: Brielle     Gefusilleerd: 25 juli 1944, Rhijnauwen.

Bron: 1) historische werkgroep zwartewaal

Gerrit Jan van den Boogerd is kandidaat notaris in Brielle. Tijdens de mobilisatie wordt hij opgeroepen en komt in dienst als Reserve 1e Luitenant bij 2-III-11 R.I. Hij verdedigd tijdens de inval de Grebbenberg linie. Na de capitulatie gaat hij in het verzet. hij beland in de achterhoek waar hij een knokploeg leid. Op 20 april 1944 wordt hij door verraad opgepakt en 3 maandaen later bij fort Rhijnauwen gefusilleerd. Zijn verhaal is te lezen op omgekomen inwoners Brielle.

Gerrit Jan van den Boogerd wordt genoemd in de erelijst van Gevallenen 1940-1945.

Willem Bruijn

Geboren: 28 maart 1915     Woonplaats: Rotterdam     Omgekomen: 28 juni 1945, Lodz

Willem Bruijn wordt 10 juli 1941 voor de arbeidseinsatz net over de Nederlandse grens naar Schaufenberg gebracht. In april 1942 keert hij terug naar Rotterdam. Tijdens de grote razzia van Rotterdam In november 1944 wordt opgepakt en naar Polen gestuurd. Hij overlijdt net na de oorlog in Lodz aan tyfus.

C

 Sara Cohn-Soesman

Geboren: 17 oktober 1886     Woonplaats: Rotterdam     Vermoord: 23 juli 1943, Sobibor.

Bron: 1) arolsen archief

Sara Soesman trouwt op 2 oktober 1918 met de Roemeense Itic Cohn. Ze krijgen drie kinderen en wonen op de Breitnerstraat 37 in Rotterdam. Ze arriveert op 16 juli 1943 samen met haar man en zoon Wolf in kamp Westerbork waar ze wordt vastgezet in barak 97. Op 20 juli wordt ze met het 19de transport gedeporteerd naar Sobibor. Daar is ze één van de 2209 personen die direct na aankomst naar de gaskamer worden afgevoerd.

Sara Cohn Soesman is de tante van Willem Julius Soesman (oud inwoner Nieuw Helvoet) en de zus van Reintje Hartogs Soesman, Hester Soesman en Schoontje Soesman (oud inwoners Zwartewaal).

G

 Rica Sophia Goudsmid-Langendijk

Geboren: 04 juni 1874     Woonplaats: Amsterdam     Vermoord: 23 juli 1943, Sobibor.

          

Bron: 1) joods digitaal monument / 2) stadsarchief amsterdam / 3) arolsen archief

Rica Sophia (Rebecca) Langendijk  trouwt met Abraham van Gelder. Ze krijgen drie kinderen. Ze hertrouwt na het overlijden van haar man (november 1923) op 13 april 1932 met Herman Goudsmit. Ze wonen op de Zwanenburg 12 I in Amsterdam. Haar zoon Abraham verhuisd na zijn trouwen naar Palestina. Ze vraagt een paspoort aan om hem te volgen. Dit lukt niet vanwege de Duitse bezetting. Nadat zij en haar man opgepakt zijn komen ze op 6 april 1943 aan in kamp Westerbork waar ze vastgezet worden in barak 57. Op 20 juli worden ze met het 19de transport gedeporteerd naar Sobibor. Daar zijn ze één van de 2209 personen die direct na aankomst naar de gaskamer worden afgevoerd.

Rica Sophia Goudsmit Langendijk is de zus van Mathilda Koetzer Langendijk en Salomon Izaäk Langendijk (oud inwoners Zwartewaal).

H

 Reintje Hartogs-Soesman

Geboren: 08 februari 1885     Woonplaats: Zeist     Vermoord: 14 mei 1943, Sobibor.

Reintje Hartogs Soesman verhuisd op 28 april 1939 van Rotterdam naar de Roemer Visscherlaan 56 in Zeist. Op 28 december wordt ze uitgeschreven met bestemming onbekend.  Op 6 mei komt ze aan in kamp Westerbork en wordt vastgezet in barak 55. Ze wordt op 11 mei op transport gezet naar Sobibor waar ze 14 mei aankomt. Daar is ze één van de 1446 personen die direct na aankomst naar de gaskamer worden afgevoerd. Reintje Hartogs Soesman wordt genoemd op het monument “Niet Weer|Nooit  Meer” in Zeist.

Ze is de tante van Willem Julius Soesman (oud inwoner Nieuw Helvoet) en de zus van Sara Cohn Soesman, Hester Soesman en Schoontje Soesman (oud inwoners Zwartewaal).

K

 Willem Koene

Geboren: 08 juni 1926     Woonplaats: Ede     Omgekomen: 07 mei 1945, Veenendaal.

Bron: 2) historische werkgroep zwartewaal

Willem Koene is de broer van Jan en Pieter Johannes Koene (Zwartewaal).

Enkele broers van de familie Koene hebben bij hun oom Izaak van der Hoeven gewerkt. Hij had een kleine sigarenfabriek in Zwartewaal. Voor de oorlog verhuist het gezin naar Veenendaal waar de jongens gaan daar werken in de grote sigarenfabrieken van “Ritmeester” en “Schimmelpenninck”. Aan het begin van de oorlog verhuizen ze weer terug naar Zwartewaal. In 1944 gaat de familie naar Geldersch Veenendaal (een buurtschap dat deel uitmaakte van Ede en nu onder Veenendaal valt). Willem Koene is automonteur van beroep, maar werkt in een klerenwasserij. Hij was lid van de BS, sectie VII, district VI, Utrecht Z.O. Tussen 4 en 8 mei 1945 is het een chaotische periode in de omgeving van Veenendaal. Er waren dagen waarop het leek dat heel Nederland was bevrijd. Maar de bevrijders maakten een pas op de plaats en kwamen niet naar Veenendaal. Bij de Duitse overgave lag het front ten noorden en ten oosten van het dorp, dat een vijandelijke enclave in bevrijd gebied geworden was. In Veenendaal zaten de SS'ers in de laatste dagen van de oorlog nog relatief veilig. Vanuit het hele land klonterden vluchtende Nederlandse SS'ers hier samen en terroriseerden de bevolking. Op zondag 6 mei wilden twee Hollandse SS’ers de springlading van de Vaartbrug weghalen, maar ze deden dat nogal onvoorzichtig en beide kwamen om het leven. Op 7 mei reden de Duitsers in enkele wagens op de Buurtsteeg waar ze een groep van twaalf verzetsmensen uit Ede en Wageningen tegenkwamen. Die waren op zoek naar hun commandant, de gereformeerde onderwijzer Frans van der Have uit Wageningen. Hij zat ondergedoken in Veenendaal. De ontmoeting tussen de mannen en de SS’ers liep uit op een vuurgevecht waarbij drie verzetsstrijders, waaronder Willem Koene, om het leven kwamen. hij wordt op 17 mei 1945 begraven op de algemene begraafplaats aan de Munnikenweg in Veenendaal. Daar worden op 27 mei 1945  zijn broers Jan en Pieter Johannes bijgezet. In december 1972 worden de drie gebroeders herbegraven o de Erebegraafplaats in Loenen.

Willem Koene wordt genoemd op het monument voor de Gevallenen in Veenendaal, op het oorlogsmonument in Zwartewaal en in de erelijst van Gevallenen 1940-1945, welke in de entree van de tweede kamer der Staten-Generaal ligt.

 Mathilda Koetzer-Langendijk

Geboren: 09 april 1896     Woonplaats: Amsterdam     Vermoord: 21 mei 1943, Sobibor.

Bron: 1) arolsen archief

Mathilda Langendijk trouwt in 1912 met Ferdinand. In 1913 vestigen zij zich in Amsterdam en krijgen ze twee kinderen. Na diverse adressen eindigen ze op de Waldeck Pyrmontlaan 10 II. Op 4 maart 1943 staat ze geregistreerd op Weesperplein 1. Hier is de Joodsche Invalide gevestigd. Een verzorging en verpleeghuis voor Joodse invaliden en ouden van dagen. Nadat ze opgepakt is, wordt ze vastgezet in kamp Westerbork in barak 65. Op 18 mei wordt ze op transport gezet naar Sobibor. Daar is ze één van de 2511 personen die direct na aankomst naar de gaskamer worden afgevoerd.

Mathilda Koetzer Langendijk is de zus van Rica Sophia Goudsmit Langendijk en Salomon Izaäk Langendijk (oud inwoners Zwartewaal). 

L

 Salomon Izaäk Langendijk

Geboren: 16 juli 1880     Woonplaats: Overveen / Amsterdam     Vermoord: 16 juli 1943, Sobibor.

Bron: 1) arolsen archief

Salomon Izaäk vertrekt in 1903 naar Yerseke. Daarna volgen Den Haag, Vlaardingen en Rotterdam. Hij trouwt op 16 februari 1921 met Henrietta Selma van Gelder (de dochter van zijn zus Judith). Ze wonen in Boxmeer als er twee kinderen worden geboren. De eerste doodgeboren (1922) en de tweede Judith (16 juni 1923). Hij werkt bij de commissie posterijen en is later beheerder van het radiostation. In juli 1939 zijn ze verhuisd naar Overveen (gemeente Bloemendaal) en wonen op de Waldeck Pyrmontlaan 9. Op 6 november 1942 staan ze geregistreerd op de Deurloostraat 101 in Amsterdam. Hij komt op 12 juni aan in kamp Westerbork en wordt gevangengezet in barak 63. Eén maand later, 13 juli,  wordt hij op het 18de transport gezet naar Sobibor. Daar is hij één van de 1988 personen die direct naar de gaskamer worden afgevoerd.

Salomon Izaäk Langendijk is de broer van Rica Sophia Goudsmit Langendijk en Mathilda Koetzer Langendijk (oud inwoners Zwartewaal).

N

 Willem Hendrik Nieuwendorp

Geboren: 09 juli 1899     Woonplaats: Java     Zeemansgraf: 29 november 1943, Javazee.

          

Bron: 1) oorlogsgravenstichting / 2) ministerie van defensie / 3) nationaal archief

Willem Hendrik Nieuwdorp woont al voor de oorlog op Java. Hij trouwt in 1929 en is werkzaam in een suikerfabriek. Hij wordt opgeroepen voor de dienstplicht bij de KNIL en ingedeeld bij de landstorm met de rang van sergeant. De landstorm is een leger van bewapende burgers ter ondersteuning van het reguliere leger. Op 9 maart 1942 wordt hij gevangengenomen bij Malang en vastgezet in een Javaans kamp. Na drie Javaanse kampen wordt hij op transport gezet naar Flores. Daar werkt hij aan de aanleg van vliegvelden. Doordat er vele doden en zieken zijn, besluiten de Japanners de gevangenen terug te sturen naar Java.

     

Bron : 1) powressearch / 2) google maps

Op 25 november 1943 vertrekt de Suez Maru met 650 krijgsgevangenen boord samen met de Nichinan Maru uit Ambon onder begeleiding van een Japanse mijnveger naar Soerabaja. In de ochtend van de 29ste november wordt het transport ontdekt door de USS Bonefish. Niet wetende dat het een krijgsgevangenen transport is vuurt ze torpedo’s af. Om 08:17 wordt de Suez Maru geraakt en begint te zinken. Ongeveer 250 van de gevangenen verdrinkt direct en 280 ontsnappen uit de ruimen en springen in het water. De mijnenveger keert na bijna 4 uur jagen en dieptebommen droppen terug op de rampplek. Daar pikt ze alleen de Japanse overlevenden op en duwen de Britten en Nederlandse terug het water in als ze aan boord probeerden te klimmen. De commandant van het transport, luitenant Masaji Koshio, overlegt met de kapitein van de mijnenveger, kapitein Kawano Osumu, wat er met de drenkelingen moet gebeuren. Ze rapporteren dat alle krijgsgevangenen zijn verdronken. Daarna worden ze doodgeschoten en alle nog drijvende redding materialen stukgevaren. Na de oorlog meldt Yosio Kashiki, een geredde opvarende, de oorlogsmisdaad. Deze oorlogsmisdaad wordt in 1949 uitgebreid onderzocht. Kawano en Koshio worden gearresteerd. Na het onderzoek wil de Britse regering haar eigen reputatie beschermen. Het beval de vrijlating van de twee mannen en dat er geen proces voor oorlogsmisdaden mocht worden gehouden en een dekmantel werd bedacht. De Britse regering heeft de families van de gedode krijgsgevangen nooit verteld wat er was gebeurd. Tot op heden heeft de Japanse regering zich nooit verontschuldigd voor de behandeling en moord op krijgsgevangenen, en de Britse regering heeft zich nooit verontschuldigd voor het weigeren om de bekende oorlogsmisdadigers voor het gerecht te brengen.

Willem Hendrik Nieuwdorp is postuum gedecoreerd met het mobilisatie oorlogskruis.

P

 Korstiaan van der Pijl

Geboren: 05 januari 1886     Woonplaats: Maassluis     Zeemansgraf: 14 mei 1940, Scheldemond.

     

Bron: 1) marhisdata / 2) googlemaps

Korstiaan van der Pijl is kok aan boord van de stoomsleepboot Noordzee 2, een sleepboot van de firma L. Smit & Co uit Rotterdam. Deze is door de marine op 24 augustus 1939 gevorderd en ingezet als Bewakingsvaartuig 34. Tijdens een patrouille op 14 mei 1940 op de Westerschelde wordt een reddingsvlot opgepikt van een Noors schip ter hoogte Zoutelande bij de grensboei Deurlo-Oostgat. Tijdens het wachten om dit vlot af te geven verdaagt de BV 34 op een Duitse magnetische mijn. Een Britse torpedo pikt twee opvarende op. De BV 34 ligt deels ingegraven in het zand op een diepte van 9 meter en heeft officieel de status van oorlogsgraf. Zestien opvarende komen om, waaronder Jacob Geilvoet woonachtig te Zwartewaal.

Korstiaan van der Pijl wordt genoemd in de digitale erelijst van Gevallenen 1940-1945.

S

 Nelis Sluimer

Geboren: 29 maart 1885     Woonplaats: IJmuiden     Zeemansgraf: 19 augustus 1941, Noordzee, Zeemansgraf.

     

Bron: 1) vissersnamenmonumentscheveningen / 2) googlemaps

Nelis Sluimer is stuurman op de stoomtrawler IJM 432 genaamd Raaf. Ze vaart op 15 augustus 1941 met de Zeeleeuw (IJM 29) uit om te gaan vissen op de Noordzee. Beide schepen vissen in elkaars buurt. In de verklaring van de adjunct-inspecteur voor de scheepvaart (4de district) verklaart de schipper van de Zeeleeuw dat de Raaf nog aan het vissen was toen hij rond 10:00 uur op 18 augustus teruggevaren is naar IJmuiden. Er waren geen andere schepen in de buurt en de schipper heeft geen drijvende zeemijnen of vliegtuigen gezien. De weersomstandigheden waren goed en de oorlogvoerende luchtmachten zijn dan actief op de Nederlandse kust. De rederij van de vissersboten verklaart dat de Zeehond (IJM 70) getuige was van een bomaanval rond 17:30 op enkele schepen waarbij onder andere de Derika V het slachtoffer werd. Het vermoeden bestaat dat de Raaf ook door oorlogsmolest is vergaan.

 Hester Soesman

Geboren: 11 augustus 1878     Woonplaats:     Vermoord: 15 oktober 1942, Auschwitz.

Hester Soesman is de tante van Willem Julius Soesman (oud inwoner Nieuw Helvoet) en de zus van Sara Cohn Soesman, Reintje Hartogs Soesman en Schoontje Soesman (oud inwoners Zwartewaal).

 Isaac Soesman

Geboren:26 mei 1912     Woonplaats: Rotterdam     Vermoord: 30 september 1942, Auschwitz.

 Schoontje Soesman

Geboren: 25 augustus 1883     Woonplaats: Rotterdam     Vermoord: 06 september 1944, Auschwitz.

Schoontje Soesman is de tante van Willem Julius Soesman (oud inwoner Nieuw Helvoet) en de zus van Sara Cohn Soesman, Reintje Hartogs Soesman en Hester Soesman (oud inwoners Zwartewaal).

W

Adrianus van Woensel

Geboren: 19 januari 1895     Woonplaats: Haarlem     Omgekomen: 07 mei 1945, Schwerin.

     

Bron: 1) oorlogsgravenstichting / 2) arolsen

Adrianus van Woensel groeit op in Zwartewaal. Hij was machinist in de visserij. Het gezin verhuist In de jaren twintig naar IJmuiden. In 1931 wordt hij als eerste communist verkozen in de gemeenteraad van Velsen. Het communistisch raadswerk werd hem door burgemeester Rambonnet (burgemeester in Rockanje 1919-1925) niet in dank afgenomen. Hij wordt als werkloze arbeider op werkverschaffingobjecten in Twente ingedeeld. Voor de oorlog was hij onder meer actief in de Internationale Rode Hulp, een organisatie voor hulp aan uit Duitsland gevluchte antifascisten. In januari 1943 weet hij aan een arrestatie te ontkomen. Een paar maanden later wordt hij alsnog door NSB-er en politieman Willem Ritman gepakt in het huis van zijn ouders in Bloemendaal.  Op 1 maart 1944 komt hij aan in kamp Vught. Op 12 juni werd hij gedeporteerd naar kamp Sachsenhausen. Als op het einde van de oorlog de SS het kamp ontruimd (20 april 1945), moeten 33.000 gevangenen te voet naar het noordwesten. In groepen van 500 eindigt de “Todesmarsch” (dodenmars) in de buurt van de plaatsen Parchim en Schwerin. Daar worden op 3 mei de gevangenen door Amerikaanse en Russische soldaten bevrijd. Adriaan van Woensel overlijdt op 7 mei in de buurt van Schwerin als gevolg van de geleden ontberingen en uitputting

  
TOP